Prof.dr Jan Greve vertelt hoe met nieuw ontwikkelde technieken zoals Atomic Force Microscopie en Optische Pincetten men met tot nu toe ongekende resolutie, biologische macromoleculen en cellen kan bestuderen onder condities waaronder ze in de biologie ook functioneren. Het verrassende is dat deze systemen, die vaak een afmeting van nanometers hebben, zich blijken te gedragen volgens principes bekend uit macroscopische systemen als motoren, veren etc.
Met nieuw ontwikkelde technieken zoals Atomic Force Microscopie, Optische Pincetten etc. kan men, met tot nu toe ongekende resolutie, biologische macromoleculen en cellen bestuderen onder condities waaronder ze in de biologie ook functioneren. Het verrassende is dan dat deze systemen, die vaak een afmeting van nanometers hebben, zich blijken te gedragen volgens principes bekend uit macroscopische systemen als motoren, veren etc. Naast een diepe verwondering voor het feit dat de evolutie dit kennelijk mogelijk gemaakt heeft, leidt dit automatisch tot de vraag of deze systemen ook inderdaad op soortgelijke wijze werkend kunnen worden nagebootst en toegepast in de maatschappij. Los van de toepassingen is echter de realiteit dat in ieder geval nieuwe en verrassende fundamentele resultaten en inzichten zijn verkregen.
Jan Greve heeft natuurkunde gestudeerd aan de VU in Amsterdam, waar hij ook promoveerde, en het begin van zijn wetenschappelijke carrière doorbracht. Hij werkte onder andere een jaar aan de University of Berkeley (USA). Sinds 1980 is hij hoogleraar Biofysische Technieken aan de Universiteit Twente. In de laatste twintig jaar heeft hij daar een groep opgebouwd die zich specialiseert in het ontwikkelen en toepassen van Biomedische en Biofysische Technieken, in het bijzonder door gebruikmaking van optica en spectroscopie. Hij is decaan geweest van de faculteit Technische Natuurkunde en heeft vele nationale en internationale functies vervuld, waaronder het voorzitterschap van de (Nederlandse) Vereniging voor Biofysica en Biomedische Technologie.
Het NWG Wageningen organiseert lezingen voor iedereen die geïnteresseerd is. De onderwerpen van de lezingen zijn niet alleen wetenschappelijk interessant maar hebben ook maatschappelijke relevantie. Informatie over het NWG is te vinden op : www.nwgwageningen.nl.
Albert Koeleman, algemeen directeur van het Nederlands Forensisch Instituut te Rijswijk, vertelt over het forensich onderzoek dat staat steeds meer in de belangstelling van het brede publiek. Niet in het minst door de spectaculaire mogelijkheden die het DNA onderzoek de criminaliteitsbestrijding biedt.
Het Nederlands Forensisch Instituut houdt zich bezig met natuurwetenschappelijk, technisch en medisch toegepast forensisch wetenschappelijk onderzoek van fysische, chemische, biologische en digitale sporen. Een deel van de capaciteit wordt besteed aan het toepassen van de ontwikkelingen in de wetenschap zelf in de forensische praktijk. Een ander deel van de capaciteit is om de (on)mogelijkheden van de forensische wetenschap onder de aandacht te brengen van alle betrokkenen in de strafrechtshandhaving.
Het onderzoek staat steeds meer in de belangstelling van het brede publiek. Niet in het minst door de spectaculaire mogelijkheden die het DNA onderzoek de criminaliteitsbestrijding biedt. Toch zijn ook op het terrein van onderzoek van fysische (krassen, indrukken), chemische (verdovende middelen, brandversnellende middelen) niet humaan biologische (pollen, stuifmeel) en, de laatste jaren, digitale sporen (bits en bytes) enorme vooruitgangen geboekt. Het is mogelijk om uit steeds kleinere ‘vieze monsters’ steeds meer informatie te halen. Ook hierin kan de wetenschap zijn steentje bijdragen bijvoorbeeld in de vorm van zoekstrategieën en statistiek.
Het NWG Wageningen organiseert lezingen voor iedereen die geïnteresseerd is. De onderwerpen van de lezingen zijn niet alleen wetenschappelijk interessant maar hebben ook maatschappelijke relevantie. Informatie over het NWG is te vinden op : www.nwgwageningen.nl.
Toegang is vrij voor leden en niet-leden.