G.I. Nyadzi : Afwisseling van gewas- en boomteelt in Tanzania

  Nieuws
  Perskamer
  Archief
  Agenda
  2012
  2011
  2010
  2009
  2008
  2007
  2006
  2005
  2004
  2003
  2002
  2001
  2000
  1999
  Nieuws
  RSS
  Agenda
  Open dagen
  Cursussen
  Promoties & Oraties
  Congressen en symposia

18 feb 2004 16:00
Onderdeel: Wageningen Universiteit
Locatie: Aula (gebouw 362), Gen. Foulkesweg 1, Wageningen
Promotor: prof.dr. O. Oenema (Management of Nutrient Fluxes and Soil Fertility)
Co-Promotor: dr.ir B.H.Janssen en dr.ir. H.W.G. Booltink (SENTER)

Dynamiek van nutriënten en water bij boomteelt in rotatie. Een onderzoek in westelijk Tanzania
Boomteelt in rotatie wordt beschouwd als een potentiële technologie om het hoofd te bieden aan de schaarste van hout, om de ontbossing te keren en om de bodemvruchtbaarheid te verbeteren ter bevordering van de voedselzekerheid in Afrika ten zuiden van de Sahara. Als mogelijke negatieve effecten van boomteelt op boerderijen in de semi-aride tropen worden overexploitatie van de watervoorraden en uitputting van de nutriënten in de bodem gesuggereerd. Deze studie was erop gericht een betere kijk te krijgen op de wisselwerkingen tussen bomen, grond en gewas door middel van onderzoek naar de water- en nutriëntendynamiek in systemen van boomteelt in rotatie met een 5-jarige cyclus. Mais kon gedurende twee jaar zonder opbrengstderving verbouwd worden tussen de jonge bomen. Er waren geen aanwijzingen dat de bomen de waterreserves na drie jaren te sterk hadden aangesproken. De bomen onttrokken meer water aan de ondergrond dan continue mais en natuurlijke braakvegetatie, maar ze waren ook in staat na regens meer water op te slaan. Bomen namen naar beneden gespoelde anorganische N op en maakten er beter gebruik van dan natuurlijke vegetatie en continue mais. De houtproduktie aan het eind van de vijfjarige groeiperiode liep uiteen van 30 tot 90 Mg ha–1, terwijl in dezelfde periode tussen 13 en 30 Mg ha–1 C werd vastgelegd in de bovengrondse biomassa. Wat betreft verhoging van de maisopbrengst waren de voordelen van bosbraak in vergelijking met natuurlijke braak zeer bescheiden, en de opbrengstverhoging werd ten dele toegeschreven aan een hoger gehalte aan anorganische N in de bodem. De landbouwkundige efficiëntie was ongeveer 30 kg korrel per kg N toegediend bij een gift van 50 kg meststof-N, en 15 kg kg–1 bij giften tussen 50 en 100 kg N. Giften boven 20 kg ha–1 P of K leidden niet tot significante meeropbrengsten van mais. De betekenis van boomteelt in rotatie voor de verbetering van de bodemvruchtbaarheid werd beperkt door de substantiële opslag van nutriënten in het hout. Het ‘mijnen’ van nutriënten door de afvoer van hout is daardoor een belangrijke bedreiging voor de duurzaamheid van boomteelt in rotatie, wanneer de afgevoerde nutriënten niet worden aangevuld via externe bronnen.

Print dit agenda item