Drs. J.M.J. Gosselink : Alternatieven voor ruwvoederwaardering bij herkauwers

  Nieuws
  Perskamer
  Archief
  Agenda
  2012
  2011
  2010
  2009
  2008
  2007
  2006
  2005
  2004
  2003
  2002
  2001
  2000
  1999
  Nieuws
  RSS
  Agenda
  Open dagen
  Cursussen
  Promoties & Oraties
  Congressen en symposia

26 jan 2004 16:00
Onderdeel: Wageningen Universiteit
Locatie: Aula (gebouw 362), Gen. Foulkesweg 1, Wageningen
Co-Promotor: dr. J.W. Cone; dr. J.P. Dulphy (INRA, France)

Het doel van dit proefschrift was om in-situ- en in-vitro-technieken te valideren en te vergelijken met in vivo gegevens. Tevens werden deze technieken geëvalueerd voor toekomstig en praktisch gebruik in de voederwaardering voor herkauwers. De technieken werden vergeleken op basis van de pensvertering van 98 ruwvoeders en de energiewaarden: in vivo fecale verteerbaarheid van organische stof (VOS) en pensfermenteerbaarheid van OS (FOS), en de eiwitwaarden: microbiële eiwitsyntheses in de pens (MES) en pensbestendig eiwit (PBE). De in-situ-techniek met gebruik van nylon zakjes, de pepsine-cellulase-techniek, de gas-productie-techniek (GPT) en de Tilley-en-Terry-techniek hadden een goede potentie om VOS te voorspellen en de in-situ-techniek en GPT gaven de meest accurate voorspellingen van FOS. MES werd geëvalueerd met gebruik van in-vivo-gegevens uit de literatuur en had een significante correlatie met het gehalte aan ruw eiwit in ruwvoeders. Het conserveren van ruwvoeders had een extra effect op MES. PBE werd bepaald met in-situ- en diverse in-vitro-technieken, maar alleen ADIN (vezel gebonden N) had een correlatie met in vivo PBE.
Print dit agenda item