Extreme neerslaggebeurtenissen hebben een grote invloed op de maatschappij en kunnen leiden tot materiële schade en slachtoffers. Daarom is een betrouwbare klimatologie van extreme neerslag belangrijk, bijvoorbeeld voor het ontwerp van afvoersystemen. Een dergelijke klimatologie kan worden verkregen door jaarmaxima te selecteren uit lange neerslagreeksen, gewoonlijk van regenmeters. Deze maxima worden gemodelleerd met een extreme waardenverdeling. Nu kan, bijvoorbeeld, de 1-uur neerslagsom worden berekend die gemiddeld een keer in de 20 jaar optreedt.
Weerradars geven ons elke 5 minuten een direct overzicht van de neerslagintensiteit over geheel Nederland. Dit is met name interessant voor het berekenen van extreme neerslagstatistieken voor korte duren, zoals 15 minuten, waarvoor maar weinig regenmetergegevens beschikbaar zijn.
Dit onderzoek toont aan dat, na correctie met regenmeters, radardata inderdaad geschikt zijn om extreme neerslagstatistieken te verkrijgen. Dit maakt het mogelijk om regionale verschillen in extreme neerslag te bestuderen en om extreme neerslaghoeveelheden te schatten voor verschillende gebiedsgroottes, zoals de grootte van een stroomgebied.
Dit onderzoek is uitgevoerd bij het KNMI in De Bilt in samenwerking met de Leerstoelgroep Hydrologie en Kwantitatief Waterbeheer van Wageningen Universiteit. Promotor: prof. Remko Uijlenhoet. Copromotoren: dr. Iwan Holleman en dr. Adri Buishand.
Titel proefschrift: "Klimatologie van extreme neerslag uit regenmeters en weerradar"