Meer chrysanten voor minder gas in zicht

  Nieuws
  Perskamer
  Archief
  Agenda
  Nieuws
  2011
  2010
  2009
  2008
  2007
  2006
  2005
  2004
  2003
  2002
  RSS
  Agenda
  Open dagen
  Cursussen
  Promoties & Oraties
  Congressen en symposia

25 nov 2005
Onderdeel: Wageningen-UR
Nummer: 0308_2

Er zijn goede vooruitzichten voor het ontwikkelen van glastuinbouwgewassen die met minder energie te telen zijn. ,,Bij de tomaat bijvoorbeeld denk ik dat we kunnen uitkomen bij een ras dat in de kas bij 2 of 3 graden lagere temperatuur toekan, stelt plantenveredelaar dr Theo Hendriks. Hij is cordinator van het zesjarige onderzoeksprogramma Rassen onder glas met minder gas. Eind februari presenteerden de onderzoekers de belangrijkste resultaten aan vertegenwoordigers van de sector.

Het onderzoeksprogramma, dat wordt geleid door de hoogleraar plantenveredeling prof. Piet Stam, ging in 1999 van start en richt zich op de glasgroente- en sierteeltgewassen die het energiegebruik in de Nederlandse glastuinbouw voor een belangrijk deel bepalen: tomaat, paprika, roos, chrysant en de kerstster. Alleen de tomaat, paprika, roos en chrysant zijn al verantwoordelijk voor meer dan de helft van het energieverbruik in de tuinbouw. De potplant kerstster is een seizoensartikel die vooral in de koude maanden wordt opgekweekt en daarom relatief veel verwarming vraagt.
,,Eigenlijk gaat het er ons om energie-efficintere gewassen te ontwikkelen, waarmee we een zelfde opbrengst bij een lager energieverbruik willen bereiken, licht Hendriks toe. ,,We zijn nu ongeveer halverwege het project en zijn vooral verrast dat er nog zo veel energiewinst lijkt te behalen door uit het bestaande assortiment te putten. De variatie van energiebenutting is ook bij veel kasgewassen nog lang niet uitgeput. De kosten van het totale onderzoeksproject, 4,5 miljoen euro, worden gedekt door het Productschap Tuinbouw, het ministerie van EZ, het ministerie van LNV en veredelingsbedrijven. Het onderzoek past in een meerjarenafspraak van de tuinbouwsector met de overheid, die het gebruik van fossiele brandstof en daarmee de uitstoot van kooldioxide aanzienlijk moet verminderen. ,,Ook voor de concurrentiepositie van de Nederlandse tuinder is het natuurlijk interessant de stookkosten te verlagen, mits dit niet ten koste gaat van productie en kwaliteit, beaamt Hendriks.
De tien deelprojecten worden uitgevoerd door onderzoekers in Wageningen, Groningen, Naaldwijk en Aalsmeer. Voor de verbetering van de energie-efficintie van de gewassen is gekozen voor twee benaderingen: kruisingsveredeling en genetische modificatie. Ook is bij een aantal gewassen gekeken hoe de biomassaproductie over de plant wordt verdeeld. Hendriks: ,,Opvallend is bijvoorbeeld dat kastomaten bij lagere temperaturen zetmeel opslaan in hun bladeren, terwijl wilde tomaten uit de Andes dit niet doen. Zij gebruiken de koolhydraten voor de groei in plaats van opslag. Dat is een interessant gegeven. In de komende tijd gaan we het effect van bepaalde genen op groei en ontwikkeling onderzoeken in terugkruisingslijnen bij verschillende temperaturen. Hij denkt dat bij alle onderzochte gewassen wel enige energiewinst te behalen valt. Het onderzoeksprogramma loopt tot en met 2005. | G.v.M.


Print nieuwsbericht