Voortbestaan lokale runderrassen Europa bedreigd

  Nieuws
  Perskamer
  Archief
  Agenda
  Nieuws
  2011
  2010
  2009
  2008
  2007
  2006
  2005
  2004
  2003
  2002
  RSS
  Agenda
  Open dagen
  Cursussen
  Promoties & Oraties
  Congressen en symposia

4 jun 2010
Onderdeel: Centrum voor Genetische Bronnen Nederland (CGN)
Nummer: P030

Eenheidsworst of variatie in het landschap?

Volgens de Wereld Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO) wordt in Europa meer dan een derde van de lokale runderrassen met uitsterven bedreigd. In de Nederlandse, maar ook in de Europese en mondiale, melkveehouderij worden lokale runderrassen steeds vaker vervangen door het hoogproductieve Holstein Friesian melkveeras. Dit is niet alleen slecht voor de variatie in runderrassen, maar afname van biodiversiteit bedreigt op den duur ook een belangrijke voedselbron van de mensheid.

Het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland (CGN) van Wageningen UR (University and Research centre) heeft daarom in het EURECA-project onderzocht wat nodig is om lokale runderrassen in stand te houden. Strategieën om runderrassen te behouden zouden allereerst rekening moeten houden met de motivaties van huidige en toekomstige veehouders. Veehouders bepalen namelijk nog altijd zelf welk ras ze houden.

Beleid afstemmen
Iedere veehouder in Europa denkt en werkt anders, en juist die variatie zorgt ervoor dat de variatie in runderrassen kan blijven bestaan. Europees en nationaal beleid dat goed is afgestemd op lokale of regionale omstandigheden moet daarvoor voldoende ruimte en stimulansen geven.
Het ras Holstein Friesian komt in 128 landen voor. Vijftig jaar geleden, toen elke regio nog over zijn eigen populaire runderrassen beschikte, was deze uniformering in de dierlijke productie nog niet aan de orde. De typisch Nederlandse runderrassen hebben unieke genetische, cultuurhistorische, sociaal-economische en ecologische waarden. Daarom dringt de tijd om meer gerichte acties te voeren om deze biodiversiteit te herontdekken en te behouden, zodat lokale rassen een functie houden en toekomst hebben.

Natuurbeleving
Een belangrijk advies van het EURECA-consortium is dat rasorganisaties zich meer moeten bezighouden met strategische planning voor de (middel)lange termijn. Lokale runderrassen passen vaak goed in regionale concepten, waarbij deze rassen de beleving van natuur en landschap en de aantrekkelijkheid van speciale producten tot uitdrukking brengen. Om de unieke waarden van lokale rassen te gelde te maken, zou een breed scala aan stakeholders samen moeten optrekken. Goede fokprogramma’s zijn nodig om de kloof niet te groot te laten worden tussen lokale rassen en meer gangbare rassen wat betreft de productie van melk of vlees en om specifieke kwaliteiten van het runderras in stand te houden, zoals de dubbeldoel-eigenschappen of melksamenstelling. Tevens is aandacht nodig om inteelt binnen rassen te voorkomen en kan ook genetische variatie worden opgeslagen in genenbanken.

Internationale Jaar van de Biodiversiteit
2010 is uitgeroepen als het Internationale Jaar van de Biodiversiteit, om aandacht te vragen voor het belang van biodiversiteit voor het leven op aarde. Ook in de landbouw staat biodiversiteit onder grote druk. In het door de Europese Unie (EU) gefinancierde EURECA-project was de hoofdvraag dan ook welke factoren bepalen of een runderras in de toekomst overleeft. Het EURECA-project wordt gecoördineerd door het CGN. 


Noot voor de redactie
De uit het EURECA-project voortgekomen publicatie Local cattle breeds in Europe. Development of policies and strategies for self-sustaining breeds van S.J. Hiemstra et al. is te downloaden via de website www.regionalcattlebreeds.eu.

Meer informatie bij Sipke Joost Hiemstra van het CGN, coördinator EURECA-project. Tel. 0320 238009, e-mail sipkejoost.hiemstra@wur.nl

Print nieuwsbericht

Meer over dit onderwerp