De Nederlandse landbouw wordt geteisterd door affaires. Varkenspest, dioxinekippen, gekke koeienziekte, mond- en klauwzeer, alsook de aanhoudende problemen op het gebied van mestoverschotten, pesticidengebruik en dierenwelzijn laten zien dat er veel mis is binnen de sector. Recente rapporten van de commissie Wijffels, LTO-Nederland en Stichting Natuur en Milieu laten daar geen misverstand over bestaan. Verbeteringen op het gebied van voedselveiligheid, milieu en dierenwelzijn zijn dan ook dringend nodig. En ook vanuit landschappelijk oogpunt worden steeds hogere eisen gesteld aan het landelijk gebied. Maar over de vraag HOE NU VERDER? lopen de meningen zeer uiteen.
Moeten we doorgaan op de ingeslagen weg van schaalvergroting en automatisering, waardoor we het productieproces nog verder onder controle kunnen brengen – met nu ook nadrukkelijk aandacht voor milieu en dierenwelzijn? Of moeten we het over een heel andere boeg gooien en juist investeren in alternatieve benaderingen als de biologische landbouw? Of heeft de landbouw in Nederland haar beste tijd gehad, is de toekomst aan de hightech voedselindustrie en hebben we daarnaast vooral behoefte aan natuur- en landschapsbeheer? Over deze vragen organiseert Studium Generale een serie debatavonden onder de titel 'Landbouw op de schop'.
Op deze eerste avond staat de biologische landbouw centraal. Naarmate de bestaande landbouw zich meer en meer verwikkelt in allerlei affaires rond voedselveiligheid, milieu en dierenwelzijn, wint de biologische landbouw aan aantrekkelijkheid. De Stichting Natuur en Milieu trekt in haar rapport `Op groene gronden’ hieruit de conclusie dat in 2030 de helft van het landbouwareaal “biologisch†moet zijn. Het is echter de vraag of dit alternatief wel zo nastrevenswaardig is. Kunnen de doelstellingen van een veilige, milieu- en diervriendelijke voedselproductie niet ook, of zelfs beter, op andere wijze worden gerealiseerd?
Sprekers Jeroom Remmers (Stichting Natuur en Milieu, auteur `Op groene gronden’) en
Anton Haverkort (Plant Research International, Wageningen UR)