Ir. E.F. Knol : Genetic of piglet survival

  News
  Newsroom
  Archive
  Calendar
  2012
  2011
  2010
  2009
  2008
  2007
  2006
  2005
  2004
  2003
  2002
  2001
  2000
  1999
  News
  RSS
  Calendar
  Open days
  Courses
  Congresses and symposia
  PhD-graduations and speeches

12 Jun 2001 13:30
Unit: Wageningen University
Promotor: prof.dr.ir. J.A.M van Arendonk (Animal Breeding and Genetics)
Co Promotor: dr.ir. T. van der Lende (fokkerij en genetica)

De biggensterfte in Nederland is - net als in vele andere landen - hoog. Gemiddeld overleeft bijna 20% van de biggen het traject van geboorte tot spenen niet: zo’n 7% sterft rond de geboorte en 13% vanaf geboorte tot aan spenen. De zeug wordt vaak als oorzaak gezien van deze hoge sterfte. Doodliggen en zwakke verkommerde biggen worden al snel aan karakter en (het tekort) melkproductie van de zeug geweten. Egbert Frank Knol heeft gekeken naar het vermogen van de zeug om goede (vitale) biggen ter wereld te brengen, naar de ‘kwaliteit’ van de big zelf en naar erfelijke eigenschappen van de moeder ten aanzien van baarmoeder, big en biest. Uit het onderzoek blijkt dat het mogelijk is te selecteren op een betere bigoverleving, zonder dat worpgrootte hoeft te dalen of het geboortegewicht hoeft te stijgen. Een fokkerijstrategie die zich uitsluitend richt op het verbeteren van groei en vleespercentage heeft als consequentie een grotere biggensterfte. Bij een strategie die zich richt op een gelijktijdige economische verbetering van groei, vlees, voederconversie èn overleving levert een verbeterde groei en voederconversie op en een spectaculaire verhoging van bigoverleving van 80% naar ruim 90% in vier generaties.
Print this activity